Fotoreizen Noorwegen

Noorwegen is een topland voor fotografen vanwege de grote hoeveelheid natuur. Nordic Vision richt zich op een aantal gebieden in Noorwegen: de Lofoten in Noord-Noorwegen, het eiland Spitsbergen en de Varanger Fjorden.

LOFOTEN
Lofoten is een eilandengroep voor de kust van Noorwegen in het noorden van Noorwegen en wordt ook wel het mooiste eilandenrijk ter wereld genoemd. Deze eilandengroep is vooral bekend vanwege zijn rijke visserijtraditie. Het beeld van Lofoten wordt dan ook gedomineerd door houten rekken met kabeljauw die hangt te drogen. Het landschap op de Lofoten en in het bijzonder het samenspel tussen het licht enerzijds en de atmosfeer, bergen en het water anderzijds, lokken al meer dan een eeuw schilders en fotografen. Het landschap zelf wordt veelal als grootste attractie bestempeld.
De Warme Golfstroom zorgt in vergelijking met andere regio’s op gelijke breedte, zoals bijvoorbeeld Alaska of Groenland, voor een mild kustklimaat (Svolvær heeft een gemiddelde temperatuur van -1.5°C in januari). De Lofoten kennen als zodanig zachte winters en een verhoudingsgewijs koele zomer. Wel kan het stevig waaien in de winter waardoor de gevoelstemperatuur sterk daalt. Sneeuw is niet ongewoon in de winter, zeker op de bergen. Naast een rijk zeeleven (o.a. walvissen, orka’s), heeft Lofoten ook een grote populatie zeearenden, aalscholvers en vele andere soorten zeevogels zoals de papegaaiduiker. Ook otters en elanden komen op Lofoten voor. Doordat Lofoten een kustgebied is biedt het goede mogelijkheden voor observatie van Noorderlicht (Aurora Borealis). Wolken waaien veelal snel weg en er is weinig verstoring door licht vanaf de grond.
Ook in het voorjaar is Lofoten zeer interessant voor fotografen. Het bekende midzomernacht-fenomeen zorgt voor prachtige lichten en uitzichten. De zon gaat niet meer onder en allerlei vormen van daglicht/schemer maken het uitermate fotogeniek.

SPITSBERGEN
Spitsbergen is een eilandengroep in de Noordelijke IJszee, zo’n 565 km ten noorden van Noorwegen, die uit drie grotere en een tachtigtal kleine eilanden bestaat. De eilandengroep maakt sinds 1920 met een apart statuut deel uit van het koninkrijk Noorwegen. De oppervlakte is ca. 62.000 km², waarvan 60% bedekt is met gletsjers. Op de hele archipel wonen, afhankelijk van het seizoen, 3000 tot 4000 mensen, waarvan ongeveer de helft in de hoofdstad Longyearbyen. Landinwaarts is het landschap ruig met steile bergen. De meeste bergen zijn tussen de 800 en 1300 meter hoog. De hoogste bergtop is Newtontoppen (1713 meter). Perriertoppen is vrijwel even hoog (1712 meter).

De naam Spitsbergen is gegeven door de Nederlander Willem Barentsz in 1596, toen hij onderweg was naar Nova Zembla, op zoek naar een noordelijke route naar Oost-Azië. In 1925 werd de Noorse naam voor de Spitsbergenarchipel, Svalbard, vastgesteld. Deze naam werd gekozen naar een vermelding in een IJslandse tekst uit de twaalfde eeuw en betekent “koude rand” of, vrijer vertaald, “koude kust”. Er is overigens geen enkel bewijs dat de in die tekst genoemde naam daadwerkelijk betrekking had op Spitsbergen. Mogelijk werd er een stuk van de Groenlandse kust mee bedoeld.

Dankzij de Golfstroom wordt het niet extreem koud op Spitsbergen en blijven de wateren rondom het eiland voor het grootste deel van het jaar ijsvrij en bevaarbaar. De gemiddelde wintertemperatuur is -12°C, de gemiddelde zomertemperatuur +5°C. De westkant is warmer dan de oostkant; dit wordt veroorzaakt door de loop van de Golfstroom. Doordat de zee in het voorjaar het koudst is, is maart ook de koudste maand van het jaar. De laagst gemeten temperatuur op Spitsbergen kwam voor in maart 1986. Toen werd het -46,3 graden. In juli en augustus is het zo’n +4 tot +6 graden en in Longyearbyen is het in juli gemiddeld +6,2 graden. Op een mooie dag stijgt de temperatuur soms tot +12 graden. In juli 1979 steeg de temperatuur tot +21,3 graden en dat was zeer uniek. In de lagere delen van Spitsbergen is de bodem bedekt met sneeuw tussen september en begin juni. Slechts een paar maanden is de sneeuw gesmolten. Boven de 600 meter ligt er het hele jaar door sneeuw.

Zo’n 7 procent van het land is bedekt met vegetatie. In de zomer ontdooit de bovenste laag in beschutte delen en kan de flora tot leven komen. In de omgeving van Longyearbyen groeien zo’n 100 soorten planten en op heel Spitsbergen zijn er 176 bekend. Op Spitsbergen zijn vijf soorten bomen te vinden. Dit zijn vier soorten wilgen en één berksoort. Deze bomen worden nooit hoger dan 30 centimeter. Daarna vriezen ze dood.

VARANGER
Varanger is een schiereiland in de provincie Finnmark, Noorwegen. Het is gelegen in het meest oostelijke deel van Noorwegen, langs de Barentszzee. Het schiereiland grenst aan de Tanafjorden in het westen, de Varangerfjord in het zuiden, en de Barentszzee in het noorden en oosten.
Het schiereiland gaf de naam aan de Varangian ijstijd periode. Een groot deel van dit schiereiland, waaronder de stad Vardø (gelegen op een eiland voor de kust van het schiereiland), heeft een arctisch toendra klimaat. Echter, aan de zuidkust, waaronder de stad Vadsø, is er voldoende zomerse warmte voor berken om te groeien. Het gebied heeft een ruig bergterrein met hoogtes tot 633 meter.
Het Noorse Directoraat voor Natuurbeheer heeft een project op het schiereiland voor de herintroductie en de bescherming van de poolvos, die ernstig in gevaar wordt gebracht op het Noorse vasteland.
Er zijn vele soorten zeevogels langs de kust van het schiereiland; sommige arctische vogelsoorten brengen de winters door langs de kust van het schiereiland. De Varangerhalvøya National Park beschermt een meerderheid van het land op het schiereiland.